Werken bij St. Elisabeth

Heb je hart voor ouderen en besef je dat goede zorg meer is dan fysieke zorg? Dan zoeken wij jou (helpende)!

Voor onze zorg- en dienstverlening zoeken we een helpende. Je ondersteunt de verzorgende IG of de verpleegkundige op de groepswoningen op de etages van De Laantjes. In een groepswoning wonen 6 of 7 mensen. Contracturen maximaal 20 uur en er zijn doorgroeimogelijkheden ott verzorgende IG.

                                                                                                            Lees hier de complete vacature!

Dit bericht is geplaatst op: 08-05-2018

Ben jij die enthousiaste verpleegkundige niveau 4? Ben je flexibel, nieuwsgierig en vind je uitdaging in het ondersteunen van bewoners bij zijn/haar kwaliteit van leven?

Heb jij een hart voor ouderen en besef je dat goede zorg meer is dan fysieke zorg? Wil je werken in een kleine, karakteristieke zorgorganisatie? Wij zoeken enthousiaste, gemotiveerde nieuwe collega's.  

"Als het overal was zoals bij St. Elisabeth, dan maakte ik me niet zo druk" - Hugo Borst

Voor onze zorg- en dienstverlening zoeken wij verpleegkundigen niveau 4 voor de bewoners van de groepswoningen op de etages van De Laantjes en voor de bewoners van de individuele appartementen van De Strijpe. In een groepswoning wonen 6 of 7 mensen. Je contracturen zijn bespreekbaar.

                                                                                                         Lees hier de complete vacature!

Dit bericht is geplaatst op: 08-05-2018

Heb je hart voor ouderen en besef je dat goede zorg meer is dan fysieke zorg? Dan zoeken wij jou (verzorgende IG)!

Ben je enthousiast en weet je jezelf en collega's te motiveren? Beschik je over 'boerenverstand' en durf je te kiezen voor wat op dat moment goed is voor een bewoner? Als dat je aanspreekt, lees dan verder!

Voor onze zorg- en dienstverlening zoeken wij verzorgenden IG voor de bewoners van de groepswoningen op de etages van De Laantjes en voor de bewoners van de individuele appartementen van De Strijpe. In een groepswoning wonen 6 of 7 mensen. Je contracturen zijn bespreekbaar. Je komt te werken in een kleine, karakteristieke zorgorganisatie waar mensen elkaar kennen en iedereen welkom is.

"Als je hier voor het eerst binnenkomt, dan ben je verkocht" - verpleegkundige op De Laantjes St. Elisabeth

 

                                                                                                          Lees hier de complete vacature!

Dit bericht is geplaatst op: 08-05-2018

Waarom ik bij St. Elisabeth werk - aflevering 5

Naar het antwoord op deze vraag waren we nieuwsgierig. Daarom hebben we een vijftal collega's deze vraag gesteld. In deze vijfde aflevering komt Linda Rademakers aan het woord: 

Linda Rademakers, verzorgende IG

 

“St. Elisabeth is een dorp, in de goede zin van het woord. De meeste mensen hier kennen elkaar, maar ook als dat een keer niet zo is, we zeggen wél allemaal gedag tegen elkaar. Niemand loopt hier alleen en anoniem rond. Ja, dat is het voordeel van een kleine organisatie, maar het is óók een keuze. Er is hier weinig overhead en kijk naar onze woongroepen, die zijn in vergelijking met veel andere zorginstellingen klein. Dat komt de zorg aan de bewoners ten goede.

Je hoort overal om je heen dat er in de zorg geen tijd meer is voor echte zorg. De werkdruk is hoog. Ja, ook in St. Elisabeth. Maar toch zeg ik: in St. Elisabeth is er wél die tijd. Soms denk ik weleens: het heeft te maken met de geschiedenis van St. Elisabeth. De zusters wonen hier. Hun aanwezigheid heeft blijkbaar haar invloed op de sfeer in het huis. Het is hier rustig, eenvoudig, liefdevol. Daardoor neem je gewoon die tijd, geef je die aandacht aan de bewoner. En als de tijd echt even drukt: je kunt praten en breien tegelijk hé? 

Ik liep deze week door de gang, langs het koersballen. Een van mijn bewoners doet daar altijd aan mee. Maar ik zag haar niet. Ook al stond ze die ochtend niet in mijn werkschema, dan loop ik toch even om, om bij haar langs te gaan om poolshoogte te nemen. Dat is nou een mooie bijkomstigheid van die kleinschaligheid: als je hier door het gebouw loopt, zie je ook alles. Ook dat mevrouw ontbreekt bij het koersballen.

Ik probeer altijd met humor te zorgen. Dat een bewoner toch even lacht, het leuk heeft. Dan vergeet hij die lichamelijke klacht ook even. Of ik sla weleens een arm om iemand heen, dat heeft iemand soms gewoon even nodig. Je wilt ze toch een nog zo fijn mogelijk leven geven? Ik vind het heel bijzonder hoe bewoners zich aan hun laatste levensfase kunnen overgeven. De berusting die sommigen hebben… daar ben ik weleens jaloers op. 

Dat heeft ook met hun eigenwaarde te maken. Daarom is het zo belangrijk dat zij de zorg ontvangen die zij zelf graag willen. Als iemand minder onder de douche wil dan de standaardnorm, nou, dan gaat zo iemand gewoon minder douchen. Als dat niet kan of mag, dan knaagt dat aan je eigenwaarde, lijkt me. Wij zijn er voor hen, zij zijn er niet voor ons.”

Interview: Leo Lotterman

Dit bericht is geplaatst op: 19-04-2018

Waarom ik bij St. Elisabeth werk - aflevering 4

Naar het antwoord op deze vraag waren we nieuwsgierig. Daarom hebben we een vijftal collega's deze vraag gesteld. In deze vierde aflevering komt Harriëtte Smidt aan het woord: 

Harriëtte Smidt, verpleegundige en wondconsulente

 ‘Heb je even voor mij?’

“Ik was 49 toen ik startte met mijn opleiding hbo-verpleegkunde, dus ik ben pas laat in de zorg gaan werken. Vroeger wilde ik al zuster worden, maar mijn leven liep gewoon anders. Je zou kunnen zeggen nu, dan moet je wel heel erg gemotiveerd zijn, nou, dat klopt. Mooi werk vind ik het. Veel bewoners noemen mij “de fluitende zuster”, want als het enigszins kan loop ik van plezier zacht fluitend door de gangen.

Waarom ik zo graag in de zorg werk? Het zijn de bekende clichés, maar daarom zijn ze niet minder waar. Mijn hart ligt er en je krijgt er écht veel voor terug, zoals die ene glimlach of het moment dat je met een bewoner, na een voor hem slechte dag, toch samen weer lacht. Ik vat zorg weleens samen als: je gaat stapje voor stapje met de bewoner omhoog de berg op. Iemand die een nieuwe heup nodig heeft, denkt vaak dat ie nooit meer kan lopen. Na een tijdje kuieren ze toch weer door de gangen. Dan zeg ik ook: weet u nog dat u dacht dat u nooit meer kon lopen? Dan lachen we allebei. Je voelt en ziet dat je iets betekent voor hen. Hoe vaak krijg ik ook niet de vraag: heb je even voor mij? Hoe vaak ben ik dan ook te laat eigenlijk met mijn route? De mensen willen graag even een praatje maken, hun verhalen kwijt. Dat St. Elisabeth een kleine organisatie is waar iedereen elkaar kent, maakt het voor de mensen, ook voor medewerkers, onderling makkelijker om elkaar even aan te spreken. Dat is fijn.

Natuurlijk, het grootste deel van de tijd gaat in het verzorgen zitten, maar het zorgen, het aandacht geven, is net zo belangrijk. Misschien wel belangrijker, uiteindelijk. De bewoners hebben allemaal met onthechting te maken. Ze hebben hun vertrouwde leven achter moeten laten en ja, leeftijd komt met gebreken. Dat je alles zelf kunt is niet vanzelfsprekend meer. Dat is, hoe je het ook wendt of keert, een rouwproces. Juist daarom wil je ze een fijne tijd geven. Dat bereik je vooral door het geven van aandacht, hoe klein en kort zo’n moment soms ook is.

Werken in de ouderenzorg is lichamelijk en geestelijk best wel zwaar. Anders dan bijvoorbeeld in een ziekenhuis heb je hier meer een band met degenen die je zorg geeft. Je leert elkaar kennen. Natuurlijk zijn er andere hbo-functies waarin je meer betaald krijgt. Maar je volgt je hart, he? Dat is tegelijkertijd ook het mooie, want bewoners voelen dat. Verzorgen kan je aanleren, zorgen doe je met je hart. Daar is geen school of opleiding voor. Ik probeer altijd het beste uit de mensen halen. We hebben allemaal onze donkere maar zeker ook onze gouden randjes. Die gouden randjes wil ik bij de bewoners boven tafel krijgen. Ik wil, net als iedereen die hier werkt, gewoon het beste voor de bewoners. Het is hun laatste levensfase, die wil je zo mooi mogelijk maken voor ze.”  

Interview: Leo Lotterman

Dit bericht is geplaatst op: 05-04-2018

Waarom ik bij St. Elisabeth werk - aflevering 3

Naar het antwoord op deze vraag waren we nieuwsgierig. Daarom hebben we een vijftal collega's deze vraag gesteld. In deze derde aflevering komt Nicky Faes aan het woord: 

Nicky Faes, verpleegkundige binnen St. Elisabeth

"Ik zorg zoals ik later ook verzorgd wil worden"

“Toen ik vorig jaar op sollicitatiegesprek kwam bij St. Elisabeth moest ik beneden bij de receptie nog even wachten tot iemand me kwam ophalen. Wat toen indruk maakte was dat iedereen die voorbij liep mij groette. Bewoners, personeel. Ik vond dat heel bijzonder. Ik weet, nu ik hier werk, dat die sfeer kenmerkend is voor St. Elisabeth.

Bij mijn vorige werkgever werkte ik op een groep van 25 mensen met dementie. Hier sta ik op een groep van 7 mensen. Ook dat vind ik nog altijd bijzonder. Daardoor heb ik meer mogelijkheden om de mensen aandacht te geven. Dat gaat heel praktisch. Ik zit met die groep aan tafel en kan ze allemaal goed zien, aankijken, contact met ze maken, ze allemaal erbij betrekken. Je leert een ieder met zijn of haar typerende trekjes goed kennen. 

Ik kan zien dat iemand vandaag wat afwezig is, zich anders gedraagt dan de dag ervoor. Doordat je zulke signalen kunt oppikken, leer je de groep sneller en vooral beter kennen. En zij jou, want vergeet dat niet: zij voelen heel goed aan of je er echt voor ze bent of niet. Dat vind ik het mooie van deze kleinschalige zorg, want dat is het, ik kan mijn grootste uitdaging realiseren: echt contact hebben met deze mensen. Zij moeten door hun dementie steeds meer laten, daarom wil je ze in je zorg zoveel mogelijk geven. Lichamelijke zorg, geestelijke zorg. Met alle aandacht. Ik zorg zoals ik later ook verzorgd wil worden. Dat is mijn streven. 

Het is hard werken in de zorg, zeker, het is lichamelijk ook zwaar. Maar geen dag verloopt hetzelfde. Ik heb super veel voldoening van mijn werk. Je krijgt veel terug van de bewoners. Ze bedanken je voor een babbeltje wat je met ze hebt gemaakt, ze pakken even je hand vast, ze kijken je met opeens glinsterende ogen aan. Je wilt in hun laatste levensfase iets voor deze mensen betekenen. Door dergelijke kleine ontroerende reacties weet je dat het zo is. 

Is er iets mooiers in je werk denkbaar? Ik zou het niet weten. Daarom: als mijn werkdag eindigt en een bewoner wil per se toch nog wat vertellen aan mij, dan blijf ik gewoon nog, ook al zit mijn werktijd er op.”  

Interview: Leo Lotterman

Dit bericht is geplaatst op: 16-03-2018

Waarom ik bij St. Elisabeth werk - aflevering 2

Naar het antwoord op deze vraag waren we nieuwsgierig. Daarom hebben we een vijftal collega's deze vraag gesteld. In deze tweede aflevering komt Karin Straver aan het woord: 

Karin Straver, verzorgende IG binnen St. Elisabeth

“Ik werk hier al 27 jaar als verzorgende. Dat lijkt lang, maar is het niet. Omdat ik er elke werkdag veel voor terug krijg. Een glimlach. Trots. Pretoogjes. Dankbaarheid. Ja, het werk is zwaarder geworden, en ja, er is minder tijd dan vroeger. Maar in de kern is er voor mij niets veranderd, ik verzorg nog altijd mensen. 

Ik koos voor de ouderenzorg. In mijn opleiding verzorgde ik ook jongere mensen, maar bij hen had ik altijd het gevoel: die komen er uiteindelijk wel weer bovenop. Bij oude mensen weet je: ze zijn in hun laatste jaren beland en vaak kampen ze met gebreken. Ik wil ze graag in die periode begeleiden, er samen iets moois van maken. Misschien bied je langs deze weg ook troost, denk ik weleens.

Ik doe datgene waar mijn hart ligt: zorgen voor oude mensen. En dat is heel wat meer dan ze alleen maar wassen en aankleden. Ik wil ze het gevoel geven dat ze er gewoon nog mogen zijn. Dat doe ik bijvoorbeeld door ervoor te zorgen dat ze er mooi en netjes uitzien als hun dag begint. Dat wil je voor je eigen opa en oma toch ook? 

Je wilt ze blij maken. Dat kan vaak al met iets kleins, met een eenvoudige activiteit. Enige tijd geleden nam ik van thuis een wafelijzer mee. We hebben toen op de afdeling wafels gebakken, met aardbeien erbij. Daar genieten de bewoners zichtbaar van. Ze herkennen die wafelgeur van vroeger. En door die herinnering komen er verhalen op tafel over die tijd. Dan hebben we lol met elkaar. Daar doe je het voor!

Als ik op vakantie ben geweest zijn de bewoners blij wanneer ik er weer ben. ‘Ik heb je gemist, hoor!’ Dat is voor mij natuurlijk fijn om te horen. Ik weet dan dat zij de zorg waarderen. Natuurlijk is er werkdruk en administratie die je moet bijhouden. Maar ik probeer al mijn werk dat niet direct met zorg te maken heeft zo te concentreren dat ik toch tijd heb voor persoonlijke aandacht. Lekker even tutten, noem ik dat altijd. Ik zorg ervoor dat die momenten er zijn, hoe klein ook. Voor de bewoners, maar ook voor mezelf. Dat is de liefde voor het vak, die wil ik behouden. 

Het zijn de kleine dingen die het doen. Het komt soms naar je toe langs indirecte weg. St. Elisabeth is klein, iedereen kent elkaar. Het draagt ertoe bij dat er meestal goede, directe contacten zijn met de familie. We hebben hier jaarlijks een herdenkingsdienst voor de in dat jaar gestorven bewoners. Ik kreeg toen een kaart van de zoon van een mevrouw die ik zorg had gegeven. Hij was naar die herdenking geweest, schreef hij, en wilde mij langs deze weg nog bedanken voor de zorg. Het zijn momenten waarop je weer beseft dat zorg gaat over menselijkheid. Dat voel ik natuurlijk elke dag, maar je hebt weleens de neiging om je te laten overmeesteren door al die beslommeringen zoals urenverantwoording, te weinig tijd, het te lage salaris. Dat zijn zaken die ook deel uitmaken van de werkelijkheid van de zorg en waar je niet aan voorbij kunt gaan. 

Maar als ik dan zo’n kaart krijg of een bewoner glimlacht voor het eerst op een dag, dan denk ik: ja, dit is en blijft een mooi vak, mijn vak.”

Interview: Leo Lotterman

Dit bericht is geplaatst op: 23-02-2018

Waarom ik bij St. Elisabeth werk - aflevering 1

Naar het antwoord op deze vraag waren we nieuwsgierig. Daarom hebben we een vijftal collega's deze vraag gesteld. In deze eerste aflevering komt Mark Schut aan het woord:

Mark Schut, verzorgende IG binnen St. Elisabeth



“Ik was 51 toen ik de keuze maakte om in de zorg te gaan werken. Daarvoor werkte ik in een metaalbedrijf, maar door de economische crisis raakte ik mijn baan als productiechef kwijt. Een omslag in mijn carrière, ja, maar toch ook weer niet.  

In zoverre komt dit werk met mijn baan van toen overeen, dat ik direct met mensen te maken heb; het anticiperen op gedrag, dat doe ik graag. Wat ook een rol speelde was de zekerheid dat ik aan de slag kon na de zorgopleiding. Ik kende de zorg al wel een beetje door mijn werk als vrijwilliger bij het Rode Kruis. Drie keer per jaar hielpen wij dan mee in de ouderenzorg.

Ik heb bewust gekozen voor wat ik noem het grijze gebied in de ouderenzorg. Mensen die door hun gezondheid niet meer thuis kunnen wonen maar nog te ‘goed ‘ zijn voor een gesloten afdeling van het verpleeghuis.

Als verzorgende IG verricht je verpleegtechnische handelingen, zoals injecteren of het inbrengen van een katheter. Ook neem je huishoudelijke taken op en onderhoud je contact met de familie. Deze bewoners hebben nog wel een redelijke mate van zelfstandigheid. Dat betekent dat je als professional moet laveren tussen wat de bewoner zelf wil en kan en wat jij als professional aan zorg nodig vindt. Dat is een spannend gebied, omdat je continu bezig bent met het lezen van mensen. Wat vragen ze nu echt? Wat zit achter die wens, die vrolijkheid of sjagrijn van die dag? Je bent alert op iemand en op zijn of haar omgeving.

Je hebt te maken met alle facetten die een mens een mens maakt. Hun geschiedenis, hun trauma’s, hun mooie verhalen. Onze taak is hen verzorgen. Dat betekent ook veiligheid geven. Als iemand er op staat om op slippers te lopen omdat hij dat thuis ook altijd deed, maar het is toch te onveilig nu voor hem, dan ga je daarover in gesprek. Vertrouwen is daarbij belangrijk. Dat bereik je door oprechte aandacht te geven en elkaar serieus te nemen.

Waar je eigenlijk de hele tijd naar op zoek bent is die zorg en ondersteuning te geven waardoor ze zich hier thuis voelen. Dát bereiken, dat is het mooie van mijn vak. Bewoners hebben hun vertrouwde thuis achtergelaten, het is aan ons om ze weer een thuis te geven. Wat dat betreft is het kleine St. Elisabeth een goede omgeving. Er hangt hier een zachte, huiselijke sfeer.

Het huis heeft ook twee pastores en een psycholoog. Geestelijke zorg is belangrijk voor ouderen. Ze hebben te maken met verlies, met het los moeten laten van allerlei zaken. Dan is het fijn dat als je een keer wilt praten, er niet iemand van buiten hoeft te komen. De drempel is laag. De geestelijke verzorgers kom je hier in de gang tegen, je kent ze al van gezicht. Welk ander huis heeft dat?” 

Interview: Leo Lotterman

Dit bericht is geplaatst op: 01-02-2018