Nieuws

Symposium: Mensen met een missie / een samenvatting

Op 10 april vond in ‘t Trefpunt het symposium Mensen met een missie plaats. Zo’n 50 genodigden kwamen naar St. Elisabeth om te horen hoe Olga van Rijn (lid Raad van Toezicht van St. Elisabeth), Ellen D’Leon - van der Hoeven (Chef Kabinet van het Defensie Ondersteuningscommando) en Broeder Bernardus (abt van Onze Lieve Vrouw van Koningshoeven in Tilburg) dagelijks invulling geven aan hun missie in hun werk. Want net als St. Elisabeth (“We moeten de mensen blij maken”) hebben ook bovengenoemde sprekers een duidelijke missie.

Opening
Marieke Bouwman heette om 16.00 uur iedereen welkom. Ze vertelde over de aanleiding van het symposium: het nieuwe ondernemingsplan van St. Elisabeth. Dit plan is een voortzetting van de eerder ingezette richting waarbij drie koersen bepaald zijn: het bieden van topzorg, het zijn van een topwerkgever en volop inzet op welzijnsparticipatie. “We hebben een duidelijke missie”, vertelt Marieke Bouwman, “we moeten de mensen blij maken, zoals Elisabeth van Thüringen het zei. En ik wil alle aanwezigen graag laten inspireren door onze sprekers van vanmiddag, die met dezelfde gedrevenheid hun missie in hun werk naleven en ons meenemen in hun verhalen. Wat drijft hen en hoe blijven zij op koers?”

Een korte weergave van de middag:

Topzorg
Olga van Rijn neemt het thema Topzorg op zich. Ze vertelt over de enorme uitdaging die er binnen de zorg is en stipt aan dat de zorgvraag in de komende 25 jaar enorm toeneemt. Het is belangrijk om stappen in de zorg richting kennisintensief te zetten, in plaats van harder werken. Er wordt namelijk al erg hard gewerkt in de zorg. Veel meer gaat het om slimmer organiseren en meer autonomie. Het bieden van goede zorg is de basis: het gaat vooral om het leren en verbeteren. Ga met elkaar het gesprek aan. Herken, begrijp, waardeer en handel.



“Topzorg wordt uiteindelijk weer basiszorg”, vertelt Olga van Rijn. “Nieuwe ontwikkelingen, door wie dan ook ingezet, worden later bij andere organisaties ook going concern. Daarom is het belangrijk om steeds weer te innoveren, waarbij het luisteren naar cliënten en samenwerking tussen zorgorganisaties erg belangrijk is. Het bieden van topzorg houdt in: sociale innovaties voor mensgerichte zorg, inzet op technologische ontwikkelingen, aandacht voor spiritualiteit en positie van de plaats van ouderenzorg in het medisch model.”

Olga van Rijn sluit af met haar missie: samen innoveren, leren en verbeteren, op weg naar mensgerichte topzorg. “En dat heeft St. Elisabeth al goed voor elkaar. St. Elisabeth biedt mensgerichte zorg, heeft oog voor techniek en er is veel aandacht voor spiritualiteit.”

Topwerkgever
Het woord is aan Ellen D’Leon – van der Hoeven, Chef Kabinet van het Defensie Ondersteuningscommando (DOSCO). Dit commando ondersteunt de commando’s Landstrijdkrachten, Luchtstrijdkrachten, Zeestrijdkrachten en de Koninklijke Marechaussee.

Zij neemt het thema Topwerkgever voor haar rekening. “Ondersteunen is onze missie”, kopt ze er meteen in, “en ondersteunen is tevens mijn passie.” Op die manier vertelt ze ook over haar werk. Het belang om goed werkgeverschap te tonen, staat bij haar voorop. Het DOSCO wil vooral transparant zijn. Ook is het binnen DOSCO belangrijk dat collega’s onderling van elkaar weten wat hun werk inhoudt.



In deze tijden van een krappe arbeidsmarkt is het ook bij Defensie een uitdaging om aan goede mensen te komen en hen te behouden. Duurzame inzetbaarheid is dan ook een belangrijk thema. Door middel van sport en het aanbieden van goede voeding wordt verwacht dat iedereen aan zijn of haar fysieke fitheid werkt. Zo worden gezonde maaltijden gratis beschikbaar gesteld. Wil men toch liever een broodje kroket? Dan is dat tegen betaling. Naast de fysieke conditie is er ook oog voor de mentale gesteldheid.

Defensiemedewerkers maken steeds meer gebruik van yoga en meditatie. Daarnaast verwacht men van iedereen dat je elke 3 tot 5 jaar van functie wisselt. Zo wordt ruimte geboden aan anderen om ervaring op te doen én houdt men iedereen scherp doordat je je telkens weer in iets nieuws gaat verdiepen. Er wordt een beroep gedaan op ieders aanpassingsvermogen, dat van cruciaal belang is binnen Defensie. “De wind kun je niet veranderen, wel de stand van de zeilen”, besluit Ellen.

Welzijnsparticipatie
Broeder Bernadus is abt van Onze Lieve Vrouw van Koningshoeven in Tilburg en is de derde en laatste spreker. Hij concentreert zich op welzijnsparticipatie. 



“Religieus erfgoed is geen monument van stenen, maar juist iets van de praktijk: levend, een beleving”, geeft hij de aanwezigen mee. In het leven gaat het om het geluk van iedereen en om ruimte scheppen ter bevordering van het welzijn van anderen. Hij vertelt het voorbeeld van de oudere generatie monikken in zijn abdij die letterlijk ruimte maakten voor de jongere generatie door naar een andere plaats te verhuizen.

Als welzijnsparticipatie verzandt in het denken in clichébeelden, dan kunnen organisaties welzijnsparticipatie maar beter schrappen. Hij vindt dat in de missie van St. Elisabeth al de basis van welzijnsparticipatie ligt. De organisatie heeft oog voor het welzijn van de mens die aan haar zorgen is toevertrouwd.

Muziek
Na elke spreker volgt een muzikaal intermezzo, verzorgd door Adrie van Osch (lid RvT van St. Elisabeth) “Ouderen zijn niet alleen maar oud en kwetsbaar”, leidt hij in, “maar kunnen jongere generaties nog volop wat leren. Zij zijn mensen met een verhaal.” Vervolgens zingt hij Old Man van Neil Young, waarbij hij zichzelf begeleidt op de gitaar. Later volgen het lied Your Song van Elton John en Imagine van John Lennon. 



Het is tijd voor een hapje, drankje en napraten, en iedereen krijgt een attentie en het nieuwe ondernemingsplan van St. Elisabeth mee.

Het gaat goed met St. Elisabeth. De insteek voor de komende jaren is daarom, zoals ook in ons ondernemingsplan wordt benoemd: We houden koers.

Dit bericht is geplaatst op: 12-04-2019

St. Elisabeth zeer positief gewaardeerd in inspectierapport Gezondheidszorg en Jeugd

St. Elisabeth is persoonsgericht en deskundig,
 onze kwaliteit en veiligheid zijn op orde:

Alle zorgaanbieders die intramurale ouderenzorg leveren op grond van de Wet langdurige zorg en de Zorgverzekeringswet worden door de Inspectie Gezondheid en Jeugd bezocht. Zo ook St. Elisabeth. Onlangs ontvingen we het inspectierapport en we kunnen vol trots zeggen: op alle onderzochte thema’s scoren we zeer positief.

We behoren met een dergelijk rapport tot de koplopers van de ouderenzorg in Nederland: we scoren beduidend beter dan de meeste andere ouderenzorgorganisaties. Tegelijkertijd realiseren we ons dat een bezoek van de inspectie een momentopname is. Zorgen blijft mensenwerk, en dit rapport wil niet zeggen dat er bij ons nooit fouten worden gemaakt. Belangrijk is echter dat we daar áltijd op reflecteren en er samen van leren.

De inspectie toetste ons op een aantal normen uit de thema’s persoonsgerichte zorg, deskundige zorgverlener, sturen op kwaliteit en veiligheid, en medicatieveiligheid:

Bevindingen

St. Elisabeth biedt persoonsgerichte zorg
In het rapport geeft de inspectie aan dat we binnen St. Elisabeth de zorgbehoefte en mogelijkheden van bewoners goed in beeld hebben en dat we hierbij familie en naasten intensief betrekken. Zorgmedewerkers kennen de bewoners, en hun houding kenmerkt zich als persoonlijk en respectvol. De eigen regie wordt zoveel mogelijk gestimuleerd. Bewoners genieten van de gezellige en rustige uitstraling van de huiskamers van de groepswoningen en er is veel aandacht voor de maaltijden.

St. Elisabeth is een deskundige zorgverlener
Het regelmatige overleg tussen de zorgmedewerkers, de specialist ouderengeneeskunde en de psycholoog wordt door de inspectie gewaardeerd. In alle lagen van de organisatie wordt het gesprek over (bewegings)vrijheid versus veiligheid gevoerd. Psychofarmaca zetten we niet zomaar in: we kijken eerst naar alternatieven.

De inspectie concludeert dat medewerkers binnen St. Elisabeth voldoende tijd hebben voor de uitvoering van de dagelijkse zorg, zeker na de komst van de keukenprinsessen en sfeermakers in de huiskamers. Er is ruim aandacht voor het bieden van een passend aanbod aan scholingen op allerlei thema’s uit de zorg.

St. Elisabeth stuurt goed op kwaliteit en (medicatie)veiligheid
De inspectie concludeert in het rapport ook dat de kwaliteit en (medicatie)veiligheid binnen St. Elisabeth goed op orde is. Regelmatig vinden er in- en externe audits plaats. Teams werken met een doorlopend verbeterplan met verbeteracties.
Vertrouwen

Het rapport geeft ons alle vertrouwen voor de komende jaren. We zien dit daarom dan ook als een bevestiging van de ingezette koers sinds ons ondernemingsplan uit 2015: van goed naar uitstekend. En deze koers zetten we in ons nieuwe ondernemingsplan voort.

Dit bericht is geplaatst op: 28-03-2019

Donatie van Lions Club Roosendaal Westhoek aan Stichting Vrienden van St. Elisabeth

Op 20 maart heeft de Lions Club Roosendaal Westhoek aan Stichting Vrienden van St. Elisabeth een cheque ter waarde van €6.000,- uitgereikt voor de aanschaf van een tweede duofiets met elektrische ondersteuning. 

Door de ondersteuning krijgen bewoners de trappers makkelijker in beweging en kunnen we vérder fietsen dan alleen op het terrein van St. Elisabeth. Voor de duofiets-vrijwilligers/familie is het fietsen dankzij de elektrische ondersteuning nu minder zwaar. Bewoners kunnen door de duofiets samen met familie of vrijwilligers bewegen in de buitenlucht. 

Vera Merkx, president van de Lions Club Roosendaal Westhoek, reikte de bijzondere cheque uit aan Jeanette van Overveld van Stichting Vrienden van St. Elisabeth. 

Wij zijn de Lions Club Roosendaal Westhoek erg dankbaar voor deze donatie!

Dit bericht is geplaatst op: 21-03-2019

Carnaval 2019 bij St. Elisabeth: wat een sfeer, wat een feest!

Fris en fruitig zitten ze ’s ochtends vroeg in mijn kantoor: Diana van Rijsbergen en Marjolein van Zinnen. Of nee, ik bedoel natuurlijk Dieneke van Rieneke en Lientje van de Kaai. Laat ik wel in RAC-sferen blijven. Zij zijn twee van de in totaal 13 boeren van het RAC. Het is donderdag 28 februari en ze hebben er al flink wat dagen carnaval op zitten. 

Voordat het feest in ’t Trefpunt in St. Elisabeth losbarst, nemen ze even de tijd om mij te vertellen over hun vrijwillligerswerk bij het RAC. Want wat zorgen ze toch met z’n allen al jaren tijdens de dagen voor carnaval voor mooie momenten voor mensen in het ziekenhuis en (verzorgings)tehuizen in Roosendaal. En dat doen niet alleen de boeren, maar zeker ook de 30 vrijwilligers om hun heen. De zogenaamde ‘helpende handjes’. En allemaal doen ze dat vanuit hun hart. 

Vanuit de Douane en de Belastingdienst werd er in 1950 in Roosendaal een heel speciale carnavalsvereniging opgericht: RAC, oftewel De Rijks Ambtenaren Carnavalsvereniging. In die tijd vonden een aantal ambtenaren dat ze eens wat anders moesten doen dan alleen maar ‘halen’ bij de mensen. Zij besloten om met carnaval alle mensen die in het ziekenhuis lagen een fruitdoosje te brengen. Inmiddels is deze traditie groter gegroeid. Het RAC organiseert in de tehuizen in Roosendaal een carnavalsochtend, -middag of –avond. Compleet met zeulbands en orkest (bron: http://www.rac-carnaval.nl). 

Dit jaar is de RAC-week op zaterdagmorgen in het ziekenhuis gestart. De woensdag en donderdag daarvoor zijn de doosjes voor het fruit gevouwen en gevuld. Op vrijdag zijn ze rondgebracht. Er zijn maar liefst 1260 fruitdoosjes en 47 fruitmanden door de boeren en vrijwilligers gevuld. Het fruit én al het lekkers dat tijdens het feest wordt uitgedeeld, is door sponsoren mogelijk gemaakt. 



Ik ben benieuwd hoe lang Dieneke van Rieneke en Lientje van de Kaai al bij het RAC zijn en hoe ze er terecht gekomen zijn. 

“Ik ben nu 2 jaar boer bij het RAC, maar daarvoor was ik jaren vrijwilliger en zeulde ik mee in de polonaise. Vorig jaar ben ik gedoopt”, zegt Dieneke van Rieneke. “Vroeger als kind lag ik een aantal keer in het ziekenhuis. Ik keek altijd uit naar de komst van het RAC. Het was voor mij daarom een vanzelfsprekendheid om me later bij de club aan te sluiten.”

Lientje van de Kaai vertelt dat ze het RAC leerde kennen toen ze bij Erato op de Kade werkte. “Ik ging vervolgens ook mee naar de tehuizen. Dat was elke keer weer zó bijzonder! Het RAC brengt het carnaval naar mensen die zelf niet (meer) kunnen carnavallen. Je ziet mensen echt opleven en genieten van een bezoek. Ik ben trouwens deze week gedoopt.”

“De waardering van de mensen is enorm”, vertellen ze allebei enthousiast. “En elk huis heeft z’n eigen charme. De sfeer bij St. Elisabeth is geweldig, de ruimte in ’t Trefpunt is groot en er is een handige opstelling, zodat we makkelijk een bewoner onder de arm kunnen nemen of even zijn of haar rolstoel kunnen duwen in de polonaise. Natuurlijk alleen als ze dat willen. Dat vragen we altijd. Het mooie is ook, dat we vaak zien dat mensen die er eigenlijk niet veel om geven, tóch even een kijkje komen nemen.”

Ze vertellen over de gesprekken die naar voren komen. Veelal herinneringen aan vroeger. “En als ze de prins zien, dan willen sommigen maar wat graag weer met hem op de foto.”

Na het gesprek haasten Dieneke van Rieneke en Lientje van de Kaai zich naar beneden. Samen met de boeren, de vrijwilligers en de RAC-cers Band (de muzikanten die de prins en zijn gevolg binnenhalen) maken ze zich op voor weer een groot feest in ’t Trefpunt. 

Bloemen, vlaggetjes, uitgedoste mensen en advocaatjes met slagroom zie ik als ik ga kijken om wat foto’s te nemen. Maar vooral zie ik blije gezichten, dankbaarheid en plezier. 

Irma Brouwers

Dit bericht is geplaatst op: 01-03-2019

Een grote wens is in vervulling gegaan!

Op donderdag 31 januari hebben wij de duofiets met elektrische ondersteuning in ontvangst mogen nemen! Door de ondersteuning krijgen bewoners de trappers makkelijker in beweging en kunnen ze verder fietsen dan alleen op het terrein van St. Elisabeth. Voor de duofiets-vrijwilligers/familie is het fietsen dankzij de elektrische ondersteuning nu minder zwaar. Bewoners kunnen door de duofiets samen met familie of vrijwilligers bewegen in de buitenlucht.



We hebben deze duofiets kunnen aanschaffen dankzij giften vanuit het nalatenschap van een dankbare bewoner, het JoostvanRoosmalenfonds en het Goede Doelen Fonds van de Landelijke Vereniging van Crematoria. Het tekort is aangevuld door Stichting Vrienden van St. Elisabeth.

Namens de Stichting Vrienden van St. Elisabeth willen we de sponsoren hartelijk danken voor hun bijdrage!

De Lions Club Westhoek gaat zich inspannen om de aanschaf van een tweede elektrische duofiets mogelijk te maken.

Denkt u na het lezen van dit bericht, ik wil ook doneren? Dan kan dat via Stichting vrienden van St. Elisabeth, bankrekeningnummer: NL42RABO 0308082745.

Wij wensen bewoners, familie en vrijwilligers veel fietsplezier!

Dit bericht is geplaatst op: 13-02-2019

Nu ook wijkspreekuur in St. Elisabeth: elke vrijdag van 10:30 tot 11:30

Dit bericht is geplaatst op: 23-01-2019

Bewoners kickboksen ter gelegenheid van de 91e verjaardag van St. Elisabeth

“Komt u straks ook kijken naar het kickboksen?” vraagt een restaurantmedewerker aan een 90-jarige bewoner. “Kijken?” luidt het antwoord…. “ik ga meedoen hoor!” En jawel: als bestuurder Marieke Bouwman rond kwart over twee het woord geeft aan Arlan Jongenelen van sportschool Masato uit Roosendaal, komen hij en andere bewoners al snel in de ban van het kickboksen. 

Arlan Jongenelen weet samen met een aantal 19-jarige inwoners uit Roosendaal en leerlingen van zijn eigen kickboksschool al snel de bewoners op te warmen. Ze maken de polsen los, leren stootbewegingen te maken en sommigen laten zien hoe hoog ze hun benen nog op kunnen tillen. De oudste leerling van zijn sportschool, 75 jaar, vertelt tussen de oefeningen en demonstraties door hoe leuk hij het kickboksen vindt. “En als het genoeg is na een uurtje of zo, dan zeg ik dat ook en dan ga ik naar huis”, vertelt hij, nog nahijgend van een flink partijtje oefenstoten. De bewoners vinden het fantastisch. “Ik had niet gedacht dat ik het zo leuk zou vinden” aldus een bewoner en een andere bewoonster die niet tot het einde kan blijven zegt dat ze het jammer vindt dat ze niet een keer op zo’n stootkussen heeft kunnen slaan. “Geeft toch niks”, zegt een vrijwilliger, “sla maar tegen mij tas, da’s ook een soort stootkussen”. Samen hebben ze dikke pret. En dat is precies wat de bedoeling is van Arlan Jongenelen van Masato. 

“Ik was direct enthousiast toen ik gevraagd werd om mee te werken aan een speciaal programma ter gelegenheid van de 91e verjaardag (op 19 november) van St. Elisabeth. Veel mensen denken dat kickboksen niks is voor ouderen, maar iedereen kan wel iéts doen. Zelfs mensen die alleen nog maar functie hebben in 1 arm, kunnen nog deelnemen aan de oefeningen. Het gaat er om dat ze nog doen wat ze wél kunnen. Daar ga ik dan ook vanuit.” Jongenelen, zijn enthousiaste leerlingen en de 19-jarige gasten van St. Elisabeth kregen aan het einde van het programma een groot applaus van de zaal. Marieke Bouwman bedankte  Jongenelen en zijn oudste leerling met een mooi boeket en er was een tas met een aantal gadgets voor alle deelnemers. Wat opviel was dat zij zich had omgekleed en nu in een spijkerbroek en t-shirt op het podium stond. “Ik had ook wel even willen meedoen, kan dat alsnog?”. Natuurlijk was dat niet tegen dovemansoren gezegd. “Oefen maar met mij”, klonk het uit de mond van de oudste leerling. “Sla dan”. “Het is voor het eerst in mijn leven dat ik een oudere sla”, aldus Marieke Bouwman, nu met bokshandschoenen aan.  Om vervolgens eerst voorzichtig en daarna met wat meer kracht een paar flinke stoten uit te delen. Dat smaakt naar meer! Ze is dan ook vast van plan om samen met Masato te bekijken of er een vervolg op deze bijzondere middag kan komen.

Dit bericht is geplaatst op: 23-11-2018

“Als er een reactie loskomt… dát vind ik het mooist. Ik ben zo dankbaar dat dit op mijn pad is gekomen”

Het inzetten van muziek op een andere manier dan we gewend zijn. Dat is de rode draad van het leuke en open gesprek dat ik met Imelda Hack-Brugmans voer. Al een jaar of drie is ze als muziekspecialist voor enkele Laantjes bij St. Elisabeth betrokken. Ook is ze hier als pastoraal vrijwilliger werkzaam en gaat ze langs bij bewoners van De Strijpe die behoefte hebben aan een praatje.

Enthousiast als ze is, valt Imelda meteen met de deur in huis. “Drie jaar geleden namen Nicole en Marianne van Welzijn contact met me op. Ze vroegen of ik eens kennis wilde maken met St. Elisabeth om te bekijken of ik muziek en zang kon verzorgen voor bewoners met dementie. Nicole en Marianne hadden mij via MuziSens Muziekeducatie in Wouw gevonden, het bedrijf van mijn zoon en schoondochter. Binnen St. Elisabeth werd al muziek aangeboden hoor, maar het ging in dit geval specifiek om het aanbod voor bewoners met dementie. Ook al had ik hier nog geen ervaring in, ik vond het een prachtige uitdaging.”

Imelda vertelt over haar achtergrond. Ze is geboren en getogen Roosendaalse, is getrouwd en heeft twee zoons en een dochter. Haar gezin is behoorlijk muzikaal, zowel op het gebied van muziekscholing als zang. Ze heeft aan het conservatorium schoolmuziek en piano gestudeerd. “Met schoolmuziek krijg je een brede opleiding, zowel klassiek als modern. Ik heb er van alles geleerd, bijvoorbeeld hoe je liedjes kunt begeleiden. Dat komt nu goed van pas. Ook heb ik pianoles gegeven en koren begeleid. Daarnaast heb ik affiniteit met kerk en religie. Mijn hoofd is dus eigenlijk een soort database met allerlei genres, muziek en ideeën”, lacht ze, “waaruit ik voor elke gelegenheid kan putten.

Toen ik het verzoek van Nicole en Marianne kreeg, dacht ik wel even: hoe ga ik dit doen? Want werken met mensen met dementie is anders dan werken met jonge(re) mensen. Daarom heb ik in de afgelopen jaren allerlei cursussen gevolgd waarin ik onder andere over neurologische muziektherapie en over de verschillende processen geleerd heb. Ook heb ik geleerd wat ritme kan betekenen voor mensen met Parkinson en Alzheimer. Maar het belangrijkst is dat je affiniteit hebt met de doelgroep en die heb ik: het is zo mooi om dit te mogen doen! Elke keer is het weer anders, omdat ik steeds met verschillende bewoners te maken heb.”

Graag wil ik weten hoe vaak ze bij St. Elisabeth is en wat ze dan samen met de bewoners doet. “Het komt erop neer dat ik eens in de twee weken een ochtend op één van de twee hiervoor aangewezen laantjes ben of in de snoezelruimte. Samen met Nicole en vrijwilliger Marjo rollen we de piano naar een laantje, nemen we de mand met muziekspullen mee en bekijken we per keer wat we gaan doen. Ik heb ook altijd mijn telefoon met spotify bij me, plus een draadloze box en een koptelefoon. Nicole bepaalt trouwens naar welke laantje we gaan, dat regelt ze allemaal van tevoren. Ook vraagt ze er eens in de zoveel tijd bewoners van andere laantjes bij om naar de snoezelruimte te gaan. Ze heeft goed in beeld waaraan er behoefte is.”

Ik ben nieuwsgierig naar de mand met muziekspullen. Imelda pakt de mand erbij. Tamboerijnen, sambaballen, handtrommels en ander leuks: alles met een leuk kleurtje en een fijne grip. “Het gaat ook om het voelen en het zien”, zegt Imelda. “En er gebeurt altijd iets anders: de ene keer luisteren we liedjes en zingen en trommelen we mee, de andere keer dansen we de polonaise. En als iemand liever in z’n eentje naar muziek luistert, dan kan dat natuurlijk ook. Daarvoor heb ik de koptelefoon bij me.”



Hardop vraag ik me af hoe ze weet wat bewoners leuk vinden. “Nicole vraagt bij familie van bewoners na welke muziek ze vroeger leuk vonden”, antwoordt Imelda, “want het gaat vooral om de link naar vroeger en de associaties die mensen daarbij hebben. Daarna bereid ik me voor. De ene keer beleven we de muziek met de groep samen, bijvoorbeeld als er gelijkgestemden qua muziekstijl aanwezig zijn, maar soms gaat het om de individuele beleving. Alles kan.”

“Wat zijn je mooiste of meest bijzondere ervaringen?”, vraag ik haar. “De reactie van een mevrouw op de Weense muziek die ik haar liet horen”, antwoordt Imelda meteen. “Dat was zo mooi… ik wist van haar familie van welke muziek ze hield. Na een tijdje luisteren zei ze me dat ze zich haar straat van vroeger herinnerde, en haar winkel. Haar familie vond dat zó bijzonder. En oh ja, ook een mevrouw met Indonesische achtergrond die normaal gesproken erg in zichzelf gekeerd is. Zij bloeide op toen ik haar liedjes van Wieteke van Dorst liet horen.” Als laatste voorbeeld, al is er veel meer te vertellen, noemt ze de mevrouw die haar verkramptheid liet varen toen ze religieuze muziek via de iPod te horen kreeg. Muziek als ontspanning.

“Er is zoveel meer mogelijk op dit gebied en het geeft zoveel voldoening”, vertelt Imelda. “Het enige wat ik wel eens jammer vind, is dat het zo afhankelijk is van het moment. Nog iets te veel, naar mijn mening. De band die we op zo’n ochtend steeds weer met bewoners opbouwen, zou in de tijd dat ik er niet ben wat meer behouden mogen worden. Natuurlijk zou ik vaker kunnen komen, dat wil ik ook graag, maar er zijn ook dingen die collega’s in de zorg wellicht kunnen doen. Ik heb wel wat tips hoor, over hoe muziek wat meer in het dagelijks leven geïntegreerd kan worden, bijvoorbeeld tijdens het verzorgen. Mochten ze hierover eens met mij van gedachten willen wisselen, dan hoor ik dat graag!”

Ik maak nog even een foto van Imelda en we doen daarna de spullen terug in de mand. We praten nog wat na. “Het is heel fijn om onbevangen jezelf te kunnen zijn bij mensen”, zegt Imelda, “zowel bewoners bij ons als wij bij bewoners. Dat er steeds meer openheid is in de beleving van muziek helpt hier zéker aan mee.”

Irma Brouwers

 

Dit bericht is geplaatst op: 19-09-2018

Onder de Roos

In Onder De Roos komen bewoners, vrijwilligers en medewerkers van St. Elisabeth aan het woord over hún woonzorgcentrum. Kleine verhalen die voor hen van grote waarde zijn: verhalen die veel vertellen over St. Elisabeth. We publiceren deze verhalen om de paar weken in ons medewerkers- en bewonersbulletin, maar we willen ze u ook niet onthouden! Klik hier voor de verhalen!

Dit bericht is geplaatst op: 22-09-2017